Skip to content

Proeven

"Als je goed om je heen kijkt, zie je dat alles gekleurd is." (K. Schippers)

Dit jaar mag ik Kerst in het Zuid-Engelse Dartmoor vieren. Dat wil zeggen: de afterparty, want we vertrekken vlak erna – het was niet anders. Dartmoor is één van mijn favoriete plekken op aarde en het is ook de plek waar ik voor het eerst sticky toffee pudding heb gegeten. Het één houdt niet noodzakelijk verband met het ander, maar feit is wel dat ik sinds die eerste portie verliefd ben op sticky toffee pudding. Mierzoet, machtiger kan bijna niet en nauwelijks een lust voor het oog. En toch. Een warme, knusse verwennerij uit grootmoeders keuken. Na die eerste keer ben ik een lange zoektocht begonnen naar het recept. Dat viel vooral niet mee omdat mijn herinnering van de smaak met geen enkel recept overeen kwam. Ik had namelijk duidelijk iets van chocolade geproefd en alleen die toevoeging kon een recept kwalificeren als het Enige Juiste. Daar had ik het mis. En daar kom je dan pas achter als je uit pure wanhoop dan in godsnaam maar eens dat rare recept met die dadels gaat maken. Dan ontdek je de ware aard van sticky toffee pudding: dadels in een raar prutje met suiker, suiker en nog eens suiker. Perfect kerst-toetje dat alleen maar een Engelse uitvinding kan zijn.

Sticky Toffee Pudding voor de cake: 200 g dadels zonder pit – 1 tl baking soda – 175 g zelfrijzend bakmeel – 175 g suiker – 60 g boter – 2 eieren – 1 tl vanille-essence / voor de sticky toffee saus: 3 el slagroom – 60 g boter – 100 g bruine suiker

Dadels fijnhakken en een paar minuten in 300 ml water koken. Als het een beetje een drabberige substantie is geworden, is het goed. Van het vuur halen en baking soda erdoor roeren, daardoor wordt het een nog minder aantrekkelijk prutje. Suiker met boter romig kloppen en 1 voor 1 de eieren en dan zelfrijzend bakmeel erdoor roeren. Dadelprutje en vanille-essence toevoegen en het beslag in een cake-vorm gieten. 40 Minuten bakken in een op 175 gr voorverwarmde oven. Alle ingrediënten voor de saus op middelhoog vuur door elkaar roeren totdat het een kleverige saus is geworden. Als de cake uit de oven komt, oventemperatuur verlagen naar 150 gr. en de warme saus over de cake schenken. In 15 minuten afbakken, totdat de saus helemaal in de cake getrokken is. Warm serveren. Er zijn recepten die je de dubbele hoeveelheid saus laten maken om erbij te serveren. Kun je doen ter verhoging van het zoete-bek-effect, maar zonder is de cake echt ook sticky genoeg. Voor de kerst maak je de pudding natuurlijk in individuele bakjes en serveer je er een lepeltje kaneelijs bij…

Deze maand ga ik graag naar de markt voor een zak vol feest uit het bos. Paddestoelen! Ik ben jaloers op mensen die er genoeg van weten om ze zelf te plukken, zelf durf ik dat nog niet. Maar opeten wat een ander gehaald heeft kan gelukkig ook. En dan komen er paddestoelentaartjes op tafel, lasagne met funghi porcini of gevulde portobello’s. En risotto. Dat maak ik niet zo vaak, want hoe hard anderen ook juichen dat het een snel en makkelijk gerecht is: ik vind het altijd nogal gedoe. Risotto is voor mij een seizoens-ding – twee keer per jaar, dat wel – als ofwel de jonge doperwten en tuinbonen, ofwel de paddestoelen me verleiden. Best jammer, want een paar dagen na de risotto is er ook nog het feest van de risotto-koekjes, gemaakt van de risotto die eerder overbleef.

Paddenstoelenrisotto ca 400 g paddestoelen die er lekker uitzien, bijvoorbeeld cantharellen, pied de moutons, funghi porcini, kastanjechampignons, oesterzwammen – 400 g risottorijst – flinke ui – teentje knoflook – 1 liter paddestoelenbouillon – 2 glazen droge witte wijn – 80 g taleggio of als je dat niet kunt vinden parmezaanse kaas of peccorino – flink wat verse gehakte bladpeterselie – peper – zout

Ui fruiten, paddestoelen en knoflook erbij en even laten bakken. Risotto toevoegen en meebakken tot de korrels glazig zijn. Wijn erbij en goed blijven roeren tot de wijn door de rijst is opgenomen. Vuur lager zetten en nu scheutje voor scheutje de bouillon toevoegen. Steeds pas een nieuw vocht toevoegen als de vorige scheut door de rijst is opgenomen. Zo ga je door tot alle bouillon op is en de rijst gaar. Als de rijst nog niet gaar is, gewoon nog wat extra bouillon erbij doen, of wat gekookt water. Tot slot taleggio en peterselie erdoor en peper en zout naar smaak toevoegen.

Herfst risottokoekjes paddestoelenrisotto van gisteren – 1 blokje taleggio van 1 bij 2 cm per koekje – paar eetlepels bloem – 1 losgeklopt ei – paneermeel – boter voor het bakken.

Handje risotto plat maken, blokje taleggio in het midden leggen en de risotto eromheen vormen tot je een platte schijf hebt. De kaas moet aan alle kanten bedekt zijn. Koekjes door de bloem halen, dan door het losgeklopte ei en tenslotte door de paneermeel. Bakken in de boter in de koekenpan. Grote koekjes zijn als hoofdgerecht lekker met geroosterde pompoen of zuurkool of witlofsalade of zoiets. Maar kleine koekjes zijn met wat ruccola en geroosterde hazelnoten een prima voorgerechtje.

Terug van vakantie en je kan de hele wereld aan. Het leven is opgeschud, fris en opgeruimd. Al is er natuurlijk niets veranderd en valt te voorspellen dat de herwonnen moed langzaam weer zal verstoffen. Moeilijk om elke dag te beleven alsof je op vakantie bent. Maar waarom eigenlijk, want ook thuis in de dagelijkse gang is er nog zoveel om je over te verwonderen. Sommige mensen kunnen dat heel goed. Spinvis bijvoorbeeld. En Simon Vinkenoog. Breng die twee samen en je krijgt mijn vakantieplaat van dit jaar: Ritmebox. Oude fragmenten worden muziek en vormen een nieuw verhaal. Observaties en combinaties van woorden maken de gewoonste dingen weer als nieuw. Ritmebox kun je hier downloaden. Vooral “Stem uit de groef” is mijn favoriet.
En als deze plaat je nog niet genoeg uit de dagelijkse sleur trekt, dan is er nog de peptalk van Simon Vinkenoog. Een pleidooi voor het leven van een man die alles eruit haalde wat erin zat. Leef met plezier, wat heb je er anders aan.

Hier word ik helemaal blij van. Even lekker de chagrijnige sleur van de ochtendspits opschudden en met heel weinig moeite een heleboel mensen een mooie dag bezorgen.

Deze video is alweer een paar maanden oud, maar hij mag niet ontbreken in de collectie. Alles met schapen is sowieso om blij van te worden en alles met de Engelse countryside ook. Maar dit gaat nog iets verder dan schaapjes kijken in het veld, briljant!

Bij ons in de familie gaat er geen heerlijk avondje voorbij zonder Bisschopswijn. Dat is dan ook meteen de enige dag in het jaar dat we het spul drinken, want de meningen over de smaak ervan zijn verdeeld. Wij vinden het natuurlijk heeeeeerlijk, maar de aanhang drinkt meestal een slokje voor de beleefdheid en laat het daarbij. Voor mij is het nog steeds de ideale begeleider van pepernoten en chocoladeletters.

Bisschopswijn 1 sinaasappel – stuk of 10 kruidnagels – stukje pijpkaneel – foelie – 1/2 liter water – 1 liter (liefst Spaanse!) rode wijn – suiker

Kruidnagel rondom in de sinaasappel steken. Water met sinaasappel, foelie en kaneel aan de kook brengen en alles ongeveer 30 minuten zachtjes laten koken. Zeef het vocht en druk eventueel de sinaasappel uit in de zeef, zodat er wat van het sap bij het kruidenwater komt. Dit kun je ruim vantevoren doen. Voor het serveren wijn erbij en alles opwarmen (niet meer koken), eventueel suiker naar smaak toevoegen.

Ik dacht vroeger altijd dat ik whisky niet lekker vond, behalve dan ter opleuking van cocktailsaus, stoofpotten en toetjes. Totdat ik mijn eerste glas Laphroaig dronk en begreep dat de bocht die ik eerder voor whisky hield geen echte whisky was. Ik gebruik het nooit meer in het eten.
Kleine meisjes die whisky drinken worden nogal eens meewarig aangekeken door mannen van middelbare leeftijd. Alsof je een snor moet kunnen laten staan om verstand te hebben van whisky. Toegegeven: ik heb er geen bal verstand van. Maar ik weet wel heel goed wat ik lekker vind en ik kan minstens zoveel moeilijke Schotse namen opnoemen als de meeste mannen die pretenderen wel veel van whisky te weten. Ik geniet er overigens geen druppel minder om. Al zou het natuurlijk wel leuk zijn als het eens een keer niet 3 glazen duurt voordat mensen overtuigd zijn dat ik whisky echt weet te waarderen. Fijn dus dat Petra de Boevere, aka het Slijterijmeisje, haar best doet om de wereld te overtuigen: met Whisky zoekt vrouw wil ze een platform voor whisky-minnende dames opzetten. Ladies, laat je horen en meld je aan!